Hartfilmpjes in HD-kwaliteit

 
11 oktober 2013

INTERVIEW RIJNSTATE

Ziekenhuizen en medische apparatuur zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De output van die apparaten wordt steeds hoogwaardiger. Ook in het ziekenhuis is de dataexplosie merkbaar. Rijnstate kiest voor de cloud, voor nieuwe architectuur en een proactieve helpdesk.

Martin Pluijm, IT-manager binnen ziekenhuis Rijnstate (Arnhem) en verantwoordelijk voor medische techniek, informatisering en automatisering: “Rijnstate is één van de 29 topklinische ziekenhuizen in Nederland met veel aandacht voor onderzoek en opleiding. De medische apparatuur raakt steeds verder verweven met automatisering. Vroeger was de microscoop van de arts. Nu maakt dat apparaat deel uit van de IT-infrastructuur, van het applicatielandschap en van de datahuishouding. Veel van onze apparatuur genereert informatie voor het zorgproces via een PACS-2 systeem (Picture Archiving and Communication System). De groei in data aan de zorgkant is explosief. Een MRi-scan maakt steeds meer slices. Hartfilmpjes worden tegenwoordig opgeslagen in HD-kwaliteit.”

Alles bewaren

“Iedereen zag de nadelen van het papieren patiëntendossier: mappen die van de ene naar de andere plek moesten worden gestuurd. Het voordeel was dat niet alles in het dossier werd opgeslagen. De betekenis van een ‘digitaal ziekenhuis’ is niet voor iedereen te bevatten: moet je een compleet hartfilmpje bewaren of kun je vooraf al bedenken welk gedeelte het belangrijkst is? De arts zegt nu ‘alles bewaren’: zoals we ook digitale foto’s maken en opslaan, misschien kijken we er later nog eens naar. Tegenover ‘alles bewaren’ staat dat de dokter met een paar klikken de juiste informatie naar boven wil halen – en dus niet te lang wil zoeken. Vroeger werd een uitdraai uit een apparaat in het dossier geniet. Onze artsen werken sinds een jaar met digitale dossiers, maar uit dat apparaat komt nog steeds dezelfde papieren informatie. Met andere woorden, niet alles wat uit randapparatuur komt, is direct ‘data’.”

Invloed van big data op architectuur

‘Informatie is voor ziekenhuizen nog geen core business’

Martin Pluijm

Martin Pluijm

“Wat je allemaal aan data moet opslaan is niet altijd vooraf bekend. We leggen allerlei zaken vast. De dossiers waar artsen mee werken zijn veel uitgebreider geworden. Dat vraagt om intelligente, data driven tools, decision support systemen en waarschuwingssystemen. Ziekenhuizen moeten bedrijfsmatiger werken en hun financiële beslissingen beter onderbouwen. Zorgverzekeraars willen veel weten over de kwaliteit van zorg, waarbij data uit allerlei systemen afkomstig het ziekenhuis verlaten. Toezichthouders stellen eisen bij de samenwerking tussen instellingen of bij het uitwisselen van patiënten. Waar we vroeger vier medewerkers hadden voor het datawarehouse-management en het maken van queries, zie je nu dat primaire bronsystemen steeds meer functionaliteiten bieden, waaronder rapportagemogelijkheden. We werken aan het terugdringen van het aantal applicaties door naar één medische applicatie te gaan. Binnen die omgeving komt veel meer informatie beschikbaar. De architectuur verandert en wordt voor ons steeds belangrijker.”

Duizend incidenten

“We zijn niet meer in staat om te voorspellen hoe de groei in storagebehoefte zich precies ontwikkelt. Daardoor ontstaat behoefte aan andere contractvormen. We kopen geen hardware meer in, maar opslagcapaciteit op basis van pay-as-you-go. Ziekenhuizen zijn een beetje bang voor de cloud. Rijnstate heeft op vier locaties een primair en secundair datacenter. We ontwikkelen een private cloud: de fysieke ruimte is van ons, leveranciers leveren de cloud-capaciteit.

Fix ITfix IT

Medische professionals zijn bezig met het oplossen van de problemen van vandaag en morgen. Het datavraagstuk heeft echter een lange termijn karakter en hangt samen met de strategie van het ziekenhuis. Aan de andere kant heeft het grootste deel van de projecten die we als IT-organisatie uitvoeren een kortetermijnkarakter. Door teruglopende budgetten moet er steeds beter worden nagedacht over projecten en over de lange termijn. We hebben duizend incidenten per maand die moeten worden opgelost, maar er was hier tot voor kort nog nooit een informatieplan gemaakt. Als het datacenter een uur plat ligt is er totale paniek in de tent, dat was vijf jaar geleden anders. Door die afhankelijkheid komen incidenten direct op tafel. Toch is informatie voor ziekenhuizen nog geen core business zoals je dat bijvoorbeeld bij banken ziet. Over vijf jaar zullen IT en zorg onlosmakelijk verbonden zijn.”

Sourcing en big data

“Onze afdeling medische techniek besteedt het grootste deel van de tijd aan preventief onderhoud, dat zit in de genen van de medewerkers. Er zijn weinig storingen. De afdeling automatisering is vooral incident driven, heeft een voorkeur voor het blussen van brandjes en heeft weinig ervaring met preventie. Die twee bloedgroepen zitten nu bij elkaar en leren over elkaars processen: ITIL bij automatisering en Total Quality Management (TQM) bij medische techniek.

Samenwerking met leveranciers in co-sourcingmodellen begint bij de techniek, maar zal steeds meer ook gaan over business intelligence en big data. Digitalisering zal ten goede komen aan het algemene niveau van de kwaliteit van zorg en de verschillen tussen ziekenhuizen wellicht verkleinen. De komende jaren kunnen ziekenhuizen zich onderscheiden wanneer ze – al dan niet met behulp van big data – succesvol zijn met decision support systemen op gebied van kwaliteit en efficiency.”