Geen PowerPoints, maar prototypes!

 
2 oktober 2016

INTERVIEW IBM

Een groot en oud kantoorpand op een onmogelijke plek in het westen van Amsterdam stond elf jaar leeg. Nu is het een start-up ecosysteem met een oppervlakte van 28.000 vierkante meter. Er zijn vele tientallen jonge bedrijfjes aan boord, maar er zijn ook verschillende corporates gevestigd – waaronder IT-serviceprovider IBM. Over hoe groot en klein (en oud en nieuw) van elkaar kunnen leren en elkaar verder kunnen helpen.

Er zijn corporates die kiezen voor innovatie aan de rand: bijvoorbeeld door een samenwerking aan te gaan met een start-up. IBM, een van de oudste IT-bedrijven ter wereld, draait het om en laat zich juist omringen door start-ups. Startups zijn niet alleen de klanten van de toekomst, ze helpen ook indirect mee aan de transformatie waar IBM doorheen moet.

foto-michel-splint

Michel Splint

Michel Splint is binnen IBM verantwoordelijk voor het bouwen van ecosystemen rondom start-ups en developers. “Het grootste deel van de omzet van IBM wordt verdiend bij traditionele bedrijven. Veel daarvan zijn kwetsbaar voor disruptie”, legt Splint uit. “We kunnen ons dus niet permitteren om ons uitsluitend te richten op de ‘oude economie’. Wij hadden in eerste instantie ook moeite met omschakelen. Wie had gedacht dat IBM ‘gedisrupt’ zou worden door een boekhandel? Daar hebben we van geleerd. Veel bedrijven die onder druk van disruptie staan, reageren met kostenreductie als antwoord. Ze willen lean en mean worden en agile. Daar zit een grens aan, op een zeker moment maak je je bedrijf kapot en je kunt echt niet zo snel en agile zijn als al die anderen. De tweede strategie is omzetvergroting door meer marketing te doen. Die strategie is ook beperkt: zeggen dat je de goedkoopste verzekeraar bent, is zo te checken. Er blijft maar één strategie over en dat is het creëren van een exceptionele digitale experience. Al onze grote klanten zullen hier mee aan de slag moeten.”

Leren van start-ups

“Ook de klanten van IBM weten dat er aan de poten van hun stoel wordt gezaagd. Ze weten dat ze iets moeten en zelf niet agile en snel zijn”, aldus Splint. Steeds meer bedrijven kiezen ervoor om samen te werken met start-ups, maar hoe dat precies moet, is voor velen nog een zoektocht. Overnemen van een start-up is vaak niet verstandig, maar is vaak wel de standaard corporate reactie. Het gaat echter niet alleen om de samenwerkingsvorm.

“Grote enterprises lopen er ook tegenaan dat ze voor hun core dienstverlening samenwerken met oplossingen van start-ups, waarbij de processen niet robuust, niet schaalbaar en niet secure blijken te zijn,” licht Splint toe. “Daarnaast zijn bij start-ups cultuur en werkmethoden anders. Start-ups gebruiken bijvoorbeeld de lean start-up methode en design thinking. IBM ziet het gebruik van dat soort methoden als een enorme kans, ook voor de eigen organisatie. We hebben daarom ook garages geopend, waar werkelijk gebouwd wordt, samen met klanten. Daar tref je geen PowerPoints, maar prototypes aan. En geen waterval, maar agile. Denk aan daily stand ups, aan design thinking, maar ook aan de inzet van non-IBM-tooling zoals Google analytics of Slack. Start-ups maken veel vaker dan corporates gebruik van cloud en API’s.”

‘Er zal geen outsourcing-
contract meer worden afgesloten zonder innovatieparagraaf’

Traditionele outsourcing

Splint gelooft sterk in een nieuwe dynamiek van een ‘loosely coupled’ samenspel van samenwerkende bedrijven, services en technologieën. Maar voor de meest traditionele bedrijven is dat nog een brug te ver. De vraag ‘make or buy’ heeft vaak nog betrekking op de afweging ‘zelf doen’ of klassiek ‘outsourcen’. Splint verwacht dat traditionele outsourcing geleidelijk verdwijnt, al zal het nog jaren duren voordat de legacy van vandaag volledig is opgeruimd. “IT-outsourcing gaat steeds meer over het onderhouden van die legacy. Het kostenvoordeel dat bedrijven hiermee realiseren moeten ze vooral gebruiken voor innovatie, het verbeteren van de digital experience of voor het uitvinden van nieuwe businessmodellen. Op het vlak van infrastructuuroutsourcing verandert de dienstverlening wel: de business verwacht dat er een agile infrastructuur komt waarmee heel snel een goede customer experience kan worden gebouwd. Ik denk dat er geen outsourcingcontract meer zal worden afgesloten zonder innovatieparagraaf.”

Two-speed IT en outsourcing

Splint is overtuigd van de noodzaak van ‘two-speed IT’. “De business kiest er nu voor om de oude IT te parkeren en aan de voorkant allemaal nieuwe dingen te doen met externe partijen. IT zal zich steeds meer gaan bezighouden met platforms inclusief brokerage en menukaarten, zodat de business snel met nieuwe IT aan de slag kan. Maar dan wel binnen compliance en control en binnen de bestaande kostenstructuur.” Portfoliomanagement is daarbij en ander toverwoord: “Als bedrijf ga je zelf innoveren, je gaat samenwerken met derden, je integreert start-ups, je neemt start-ups over en je neemt bestaande bedrijven over. Je beheerst wel de keten, maar doet niet meer alles zelf. Het is geen verticale ketenintegratie meer, maar virtuele integratie van de bedrijfsketen. Je moet oppassen met uitbesteden van applicatiekennis, want je helpt mogelijk de innovatiekracht van je bedrijf om zeep. Ik heb dit gezien bij corporates waarmee we samenwerken en die innovatiehackathons organiseerden. Conclusie na de hackathons: de meest innovatieve ideeën kwamen niet van de corporate zelf, maar van de suppliers. Dat kwam omdat het applicatiemanagement grotendeels was uitbesteed. Dat kan ertoe leiden dat de applicatiemensen de processen vaak beter kennen dan de business.”

‘Vroeger moest je servers hebben, een warehouse, logistiek, nu volstaat een laptop met een internetverbinding’

Nieuwe combinaties

Ook IBM gebruikt de kracht van verschillende combinaties om innovatie te stimuleren en een nieuwe bedrijfscultuur te creëren. Dat brengt ons weer bij de samenwerking met de startups. IBM doet dat op verschillende manieren: het bedrijf zoekt actief de samenwerking met start-ups op en biedt ze toegang tot het cloudplatform van IBM. Splint: “Vroeger moest je servers hebben, een warehouse, logistiek, nu volstaat een laptop met een internetverbinding. Er is hier nog nooit een start-up gekomen die IBM heeft gevraagd om een stuk software of een server. Ze komen wel bij ons met de vraag of ze de tribune (die bij het kantoor van IBM in B.Amsterdam hoort – red.) mogen gebruiken. Dat is prima, in ruil voor een pak koffie en een pitch over het IBM-cloudplatform.” Op deze manier weet Splint iedere week twee nieuwe bedrijven toe te voegen aan de lijst met startups die gebruikmaken van IBM cloudtechnologie. “Een voorbeeld is Platform161, een start-up met enorme ambities. Ze werkten samen met een kleine serviceprovider, maar liepen vast omdat er in plaats van cloud alleen hostingdiensten werden geleverd. Bij IBM kunnen ze aanhaken op de capaciteit van 45 datacenters. We geven ze gratis toegang tot onze cloud voor een jaar, inclusief support. Ze krijgen ook toegang tot value added services zoals Watson, analytics, blockchain, Internet of Things. Dat staat allemaal in het cloudplatform. En ze krijgen toegang tot het zakelijke netwerk van IBM, namelijk alle grote enterprise klanten.” Om te kunnen profiteren van dit aanbod moeten start-ups minder dan vijf jaar bestaan en minder dan een miljoen omzet draaien. Verder stelt IBM geen bijzondere eisen en er zijn vrijwel geen verplichtingen. “Ze kunnen iedere dag afscheid van ons nemen. Dat is ook een belangrijke waarde die je niet snel tegenkomt in de corporate wereld.”

IBM transformeert

Een tweede manier om onderdeel te worden van de nieuwe innovatie-economie is het doen van overnames. “Onze CEO heeft gesteld dat IBM een cognitive cloud platform company is. Alles wat we hebben zit in de cloud: infrastructuur, middleware, services. Als wij geloven dat een exceptionele digitale experience belangrijk is en we daar een toonaangevende rol in willen spelen, dan hebben we als IBM wel een uitdaging: we hebben niet meteen de reputatie en de mensen die bij een digital agency horen. Maar de jonge mensen die ik ontmoet, associëren ons met Watson, niet met laptops van vijftien jaar geleden. Jongeren hebben niet die legacy van het oude IBM in hun hoofd. Wij hebben de technologie, maar om te transformeren hebben we de creatieve skills en de cultuur van agencies nodig. We hebben de afgelopen jaren ieder kwartaal drie overnames gedaan op het gebied van digital agencies: bedrijven die customer experience voor bedrijven bouwen. In Groningen hebben we inmiddels 200 designers en developers aan het werk, inclusief hoodies, koptelefoons, boomhutten en dartboards. Daarmee is IBM op dit moment de grootste digital agency ter wereld met 10.000 creatieven zoals UX-designers en art directors. Uiteindelijk zullen we ook de rest van IBM transformeren naar de nieuwe wereld.”